Afscheid groep 8

Laatste schooldag

Door Wouter Siebers – leerkracht groep 8 én redacteur bij Kwink

Wouter Siebers, gedragsspecialist, leerkracht en redacteur bij de SEL-lesmethode Kwink

Wouter is gedragsspecialist, leerkracht en redacteur bij de SEL-lesmethode Kwink

 

SEL tot de laatste schooldag

De laatste dagen van het schooljaar zijn begonnen. De zon begint steeds feller te schijnen, binnen wordt het steeds warmer en de concentratie van onze leerlingen wordt danig op de proef gesteld. Tegelijkertijd met deze seizoen veranderingen start ook de adjourning fase van de groep. De fase waarin leerlingen afscheid nemen van elkaar (in groep 8) of van de groepsleerkracht. Afscheid nemen gaat vaak gepaard bij het benadrukken van minder leuke kanten van een groep of leerkracht. Dat zorgt ervoor dat het afscheid nemen gemakkelijker wordt. Toch hoeft dit proces niet altijd zo te verlopen.

Elkaar positief uitzwaaien

Net als bij elke groepsdynamische fase is het de leerkracht die het verschil maakt. Ook in deze fase kan de leerkracht het groepsproces sturen. Ik ben blij dat Kwink mij daarbij helpt. De laatste lessen van het jaar zijn zo opgebouwd dat het mijzelf en mijn leerlingen begeleidt in het afscheid nemen van elkaar. Nu verloopt deze fase bij mijn achtste groepers vaak nog wat stormachtiger, zij verlaten immers echt definitief de basisschool.

Leuke vragen voor eind van het schooljaar

Afscheid basisschool; laatste schooldag

Voor alle andere groepen is het interessant om de laatste weken of op de laatste schooldag met de volgende vragen bezig te zijn:

  • Wat vond je het allerleukste dit jaar?
  • Bedenk 5 woorden die goed bij dit jaar passen
  • Was dit jaar een gezond jaar voor jou? Waarom wel of niet?
  • Wat heb je dit schooljaar gedaan waar je trots op bent?
  • Wat blijft je het meest bij?
  • Wat wil je kwijt aan je oude én nieuwe juf of meester?

Goed de zomer in

Groepsplan Gedrag: laatste schooldag in adjourning fase

Bij aanschaf van een abonnement bij Kwink krijg je als school Groepsplan Gedrag cadeau, t.w.v. € 27,95

Bewust bezig zijn met de adjourning fase zorgt ervoor dat de groep ook in de laatste weken zo positief blijft als het afgelopen schooljaar. Ruimte nemen en geven om samen bezig te kunnen zijn met terugblikken en vooruitkijken. Ik kijk zelf terug op deze laatste schooldag, op een prachtig schooljaar waarin 29 achtste groepers zich hebben ontwikkeld tot (pre)pubers die klaar zijn voor het voortgezet onderwijs. Als ze op de laatste dag de school uit lopen en roepen dat ze nog wel eens terug zullen komen dan weet ik; ook de adjourning fase is gelukt!

 

Fijne vakantie allemaal!

Groet, WouterKwink voor de bovenbouw

 

 

Bewaren

Deel viaTweet about this on TwitterShare on Facebook
Afscheid groep 8

Afscheid: Dag juf, dag mees, dag klas!

Afscheid nemen op de basisschool

Door Joke Bouwman – Relatiebeheerder en oud-juf

Het schooljaar zit er weer op.

Het afscheid is in zicht. In winkels struikel je bijna over de afscheidscadeautjes voor al die lieve juffen of superleuke meesters en de kalender staat vol met die typische eindejaarsactiviteiten:

Afscheid nemen op school

en ga zo maar door. Iedereen loopt op z’n tandvlees maar houdt de moed er nog even vrolijk in. Hoewel.

Vertrouwde juf/meester

De kinderen kunnen in die laatste weken best wat tegendraads zijn. Maar dat hoort erbij. Zij realiseren zich opeens dat de groep ophoudt te bestaan. En het is best lastig om die vertrouwde juf of meester los te laten. En ook om die klasgenoten, met wie je een jaar lang lief en leed gedeeld hebt, 6 weken te moeten missen.  Dus gaan ze zich wat afzetten, want misschien valt het afscheid dan wat minder zwaar.  Maar als het zover is vloeien er toch nogal eens tranen!  Vooral bij het afscheid van groep 8.

Afscheid met een traan

En ik moet bekennen dat ik het als juf zelf ook niet altijd droog hield. Tot ergernis van sommige collega’s overigens, die zoveel  sentimenteel gedoe maar moeilijk konden snappen. Ik heb me er lange tijd een beetje voor geschaamd.

Maar waarom zou je je schamen voor de band die je hebt opgebouwd met je leerlingen? Eerder zou je je moeten schamen wanneer dat niet lukte en het afscheid je daardoor onberoerd laat.

Oud-leerling Diana verwoordde het heel mooi toen ik haar onlangs, na 25 jaar weer tegen het lijf liep. Ik herkende haar meteen. En zij mij ook.

“Best bijzonder, hè, zei ze, na al die tijd?”

En tegen haar dochter van 7: “Dat is mijn kleuterjuf van vroeger!”

Verbondenheid en veiligheid

Dochter rolde demonstratief met haar ogen over het bijna kinderlijke enthousiasme van haar moeder. Maar ja, als je 7 jaar bent  weet je nog niet hoe belangrijk onderlinge verbondenheid is om je gelukkig en veilig te voelen.

afscheidscadeaus

Bron: Instagram-account Uitgeverij Kwintessens

Juffen en meesters daarentegen horen het wel te weten. En de meesten weten het gelukkig ook. Vandaar al die cadeautjes! Maak er met elkaar een mooi afscheid van.

Een fijne zomervakantie allemaal gewenst!

Bewaren

Deel viaTweet about this on TwitterShare on Facebook
Levensbeschouwing

De Groeibijbel: een spannende bijbel voor tieners

GroeibijbelDoor Piet van Midden – predikant en docent Hebreeuws aan de Universiteit van Tilburg

Levende verhalen

‘Die Bijbel van u is veel spannender dan die van mijn vader’, zei een kind tegen haar opa. Dat klopte helemaal: opa liep zelf in het verhaal rond en nam zijn kleinkinderen daarin mee. Op die manier komen verhalen opnieuw tot leven. Dat laatste is het doel van de Groeibijbel: de verhalen een nieuw leven gunnen: een leven met jou.

Als je de Bijbeltekst onbegrijpelijk vindt, moet je die als verteller eerst glashelder hebben. Bijbelverhalen hebben je vooral iets te zeggen als je ze leest, in onderlinge samenhang vertelt en niet zomaar in korte stukjes op zakformaat bekijkt.

Grapjes en galgenhumorold bible

Daarom is er verteld vanuit de Hebreeuwse en Griekse grondtekst, met alle aardigheid van dien. Want daarin wemelt het van de grapjes, ironie en galgenhumor en die zijn vaak in de Groeibijbel terechtgekomen. De doelleeftijd waaraan bij het schrijven steeds is gedacht, is die van de tieners. De taal is heel direct, maar daar groei je van.

Ontstaan van de Groeibijbel

De Groeibijbel is een project waaraan jaren is gewerkt vanuit de catechese en andere leeromgevingen. Het doel is op een aantrekkelijke manier en met aanstekelijke taal de Bijbelverhalen toegankelijk te maken voor tieners.

“Bijbelverhalen op een aantrekkelijke manier toegankelijk maken voor tieners”

Seks en geweld

Daarom zijn de verhalen opnieuw vanuit de grondtekst in hun samenhang verteld, inclusief allerlei teksten die over seks of geweld gaan en die doorgaans worden overgeslagen.
Het gaat dus niet om een ‘makkelijke vertaling’. De (on)toegankelijkheid van de Bijbel zit meestal niet in de taal, maar in de beelden waarin wordt gedacht. Die komen in de Groeibijbel heel dichtbij.

Bijbelverhalen

Het is een tamelijk ‘volledige’ Bijbel, al moesten er uiteraard keuzes worden gemaakt. Naast de bekende verhalen uit Oude en Nieuwe Testament zijn bijvoorbeeld ook teksten uit de Psalmen, Prediker, Hooglied, Job en de Grote Profeten opgenomen. Bij de evangelies is gekozen voor Matteüs met als aanvulling de beroemde verhalen uit Lucas, zoals het kerstverhaal en gelijkenissen zoals die van de Barmhartige Samaritaan en de Verloren Zoon. En heel bijzonder: het boek Openbaring is helemaal opnieuw verteld, vanuit een getallensymboliek.

Groeibijbel Piet van MiddenNIEUW: De Groeibijbel

De Bijbel is een verhaal apart. Bij het lezen stap je een heel andere taal, tijd en wereld binnen. Is het eigenlijk wel een boek voor jonge mensen van nu? Piet van Midden vindt van wel. Hij vertelt de verhalen op een aanstekelijke manier en gaat zogenaamd ‘moeilijke’ teksten niet uit de weg. Voor je het weet loop je zelf rond in de verhalen. Voor jongeren vanaf 12 jaar.

Bestel De Groeibijbel in de webshop van Kwintessens voor € 29,99.

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Deel viaTweet about this on TwitterShare on Facebook
In de klas

Fidget spinners: Gedragsregels in de klas

Door Ger Luttels, redacteur Kwink en Trefwoord en leerkracht VO

Fidget-spinners: welke gedragsregels voor Goed Gedrag komen daar bij kijken?
Stiekem en stil schuif ik onopvallend door het leslokaal naar achteren, tot achter de laatste rij brugklassers. Ik wil hen natuurlijk niet storen bij hun leesopdracht. Maar eigenlijk wil ik onzichtbaar zijn. Onzichtbaar voor Manou die nu twee rijen voor me zit en mij onmogelijk kan zien.

“Als Manou iets in haar handen heeft, kan ze zich beter concentreren.”

Fidget spinners in de klas

Voortdurend zit ze te rommelen met een of ander ding met wieltjes. Terwijl haar ogen gericht blijven op de tekst in het boek, geeft ze een slinger aan het ding en laat hem balanceren op de top van haar linker wijsvinger. ’t Hoort niet, vind ik. Dat gefriemel met spullen tijdens de les. Maar als je Manou iets wil afnemen, moet je haar op heterdaad betrappen. En dan nog moet je snel zijn. En dat ben ik vanmiddag. Met één snelle beweging kaap ik het speeltje voor haar neus weg. ‘Hé…!?’ zegt ze verrast, terwijl ze opkijkt. ‘Na de les, niet nu,’ zeg ik zachtjes tegen haar. Verontwaardigd draait ze haar hoofd weg, kijkt in haar boek … en binnen een minuut jongleert ze met haar balpen alsof het een gekrompen majorettestokje is.

Beter concentreren

‘Meneer, krijgt Manou haar spinner terug?’ Meike kan niet wachten tot de les voorbij is.

Goed Gedrag: voor een veilige school. Omgaan met fidget spinners

Bron: inmijnhum.nl / JufAnne2017

‘Jullie weten toch dat je niet moet zitten spelen met allerlei dingen tijdens de les?’ zeg ik.‘Maar een spinner is geen speeltje; je wordt er rustig van.’ Meike houdt vol, Manou blijft stil.

‘Als Manou iets in haar handen heeft, kan ze zich beter concentreren.’

‘Ja, dat is zo!’ Meike krijgt bijval, het gezicht van Manou klaart op, de klas is er ineens helemaal bij.

‘Vinden jullie dat dan niet storend?’ vraag ik. ‘En wat als iedereen hier dadelijk met spinners zit te jongleren? Of met jojo’s? Of een boemerang?’

Afspraken maken

‘Nou, misschien kunnen we daar iets over afspreken,’ zegt Meike. En op mijn ‘Doe maar eens een voorstel’ volgt spontaan intensief overleg. Nog voordat het lesuur voorbij is, zijn ze eruit: alleen spinners, alleen als het niemand stoort, en alleen voor kinderen die er rustig van worden. Te beginnen met Manou. We hebben een deal.

Regels

Er gebeurt veel in een school en om alles goed en prettig te laten verlopen kunnen regels heel handig zijn. Je weet waar je aan toe bent. Niet alleen de ouders en de leerkrachten maar ook de kinderen zelf vinden het fijn als iedereen zich goed gedraagt.

Goed gedrag in de klas

Nieuw lespakket voor gedragsregels op de basisschool: Goed Gedrag

Nieuw lespakket voor Goed Gedrag op de basisschool

Goed gedrag, dat is gedrag dat bijdraagt aan wat we samen belangrijk en waardevol vinden voor de groep als geheel. En als het nodig is, maken we daar afspraken over. Als we rust en concentratie belangrijk vinden, spreken we bijvoorbeeld af dat we niet met speeltjes in de les zitten te rommelen. Of zomaar tijdens een les door het lokaal gaan lopen.

Wat is normaal gedrag?

Zulke gedragsregels geven aan wat we normaal gedrag vinden. Het probleem is dat een norm altijd een soort algemeen gemiddelde aangeeft. Iets dat voor iedereen en overal als passend kan gelden. Maar door de ontwikkelingen met betrekking tot passend onderwijs zal er in de groepen steeds meer gedifferentieerd moeten worden. Ook wat regels voor goed gedrag betreft.

Manou, bijvoorbeeld, is geen gemiddeld meisje, volgens haar eigen klasgenoten. Dus bedenken ze samen een regel die beter is.

Goed gedrag, dat is gedrag dat bijdraagt aan wat we samen belangrijk en waardevol vinden voor de groep als geheel.

Zelf regels bedenken

Kinderen kunnen dat best zelf, regels bedenken voor goed gedrag. Mits er voldoende veiligheid wordt ervaren in de groep. Dat heb ik geleerd van een andere brugklas, waarin zonder morren door iedereen wordt geaccepteerd dat Wouter af en toe gewoon mag opstaan om even een ommetje door het lokaal te maken. Omdat Wouter dat nodig heeft, omdat iedereen dat van hem weet, omdat Wouter het fijn vindt dat iedereen het weet en: omdat het zorgt voor een prettige en veilige sfeer in de groep. Heerlijk, toch?

Tip: Goed Gedrag – Voor een veilige school

Goed Gedrag – Voor een veilige school is een nieuw lespakket van Kwintessens met 20 gedragsregels en 3 waardenlessen (over veiligheid, respect en verantwoordelijkheid). Het pakket bestaat uit 4 (dezelfde) handleidingen voor leerkrachten, en een usb-kaart met daarop 20 lijntekeningen en 20 posters. Het pakket biedt een concreet stappenplan voor ongewenst gedrag, en versterkt een sociaal veilig schoolklimaat.

Bekijk www.goedgedragopschool.nl voor meer informatie.

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Deel viaTweet about this on TwitterShare on Facebook
Sociaal-emotioneel leren

Wet passend onderwijs

Door Marijne Sammels – Kwink-coach en moeder

Wet passend onderwijs op de basisschoolZittend op een parkbankje in de zon leg ik iedere keer weer de relatie met de ambulant begeleiding in passend onderwijs. Hoe dat komt? Ik zal het proberen uit te leggen. Als ik een lege bank tegenkom, ga ik automatisch in het midden zitten. Zit er al iemand op, dan zal ik op geruime afstand gaan zitten van die persoon. Komen er nog meer mensen bij dan zal er steeds opnieuw geschoven worden om de ruimte evenredig te verdelen. Totdat iedereen klemvast tegen elkaar aan komt te zitten: het bankje is vol.

Sinds de invoering van passend onderwijs is dat nu precies wat ik zie gebeuren. Het ‘bankje’ met leerlingen die begeleid worden door onze ambulant begeleiders is nu regelmatig overvol. Hoe komt dat toch?

Passend onderwijs

Met de komst van de Wet passend onderwijs is er veel veranderd. Het doel van passend onderwijs is dat er meer kinderen met een specifieke ondersteuningsbehoefte opgevangen kunnen worden binnen het reguliere onderwijs. Dat betekent voor leerkrachten dat zij hun onderwijs moeten aanpassen aan meer leerlingen met zeer diverse hulpvragen. Met handelingsverlegenheid tot gevolg. De school bepaalt welke leerlingen extra hulp nodig hebben. Welke stappen de school moet zetten om externe hulp te krijgen voor een leerling is per samenwerkingsverband verschillend.

“Een voordeel van de nieuwe wet is dat ondersteuning voor veel meer leerlingen ingezet kan worden.”

Ambulante begeleiding

De externe hulp, bijvoorbeeld in de vorm van ambulante begeleiding vanuit het speciaal onderwijs, was voorheen exclusief voor rugzakleerlingen beschikbaar. Een voordeel van de nieuwe wet is nu dat deze ondersteuning voor veel meer leerlingen ingezet kan worden. De andere kant is echter dat dit betekent dat er daardoor per leerling minder tijd beschikbaar is.

Vroegtijdig stadium bijsturen

Vanuit de ambulant begeleiding is merkbaar dat waar hulp voorheen alleen ingezet werd  op de leerlingen met zware zorg er nu ook veel vragen zijn rondom leerlingen met mildere problematiek. Om te voorkomen dat er voor te veel leerlingen een beroep wordt gedaan op een externe deskundige is het dus van belang dat scholen problemen bij leerlingen in een vroegtijdig stadium bijsturen of liever nog, voorkomen.

Methodes voor goed gedrag

PBS piramide voor goed gedrag

bron: Schoolwide positive behavior support (SWPBS)

Naast het aanbieden van rekenen, taal en lezen is het dus van belang om expliciet aandacht te bieden aan het aanleren van goed gedrag en sociale vaardigheden. Een goede basis aanpak voorziet 90% van de leerlingen van de ondersteuning die ze nodig hebben. Methodes als School Wide Positive Behavior Support voor het aanleren van goed gedrag, Kwink voor het aanleren van goede sociale vaardigheden en Goed Gedrag voor gedragsregels kunnen hierbij helpen. Ook het inzetten van intervisie of collegiale consultatie kan een goed middel zijn.

Genoeg begeleidingsruimte per leerling

Bij de 10 % leerlingen die ondanks een goede basis aanpak toch meer ondersteuning nodig hebben kan een extra aanpak worden geboden in kleine groepjes. Hierbij kan als het nodig is een expert van buitenaf ondersteuning bieden. Bij de enkele leerling waarbij blijkt dat er intensievere hulp nodig is komt de externe expert begeleiden.

Op die manier zorg je als school ervoor dat het bankje met zorgleerlingen niet te vol wordt en dat er dus genoeg begeleidingsruimte per leerling overblijft.

Wet passend onderwijs in de klas

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Deel viaTweet about this on TwitterShare on Facebook